Onderzoek & Achtergronden
Introductie
en Opzet van het onderzoek
Indonesianisasi en nationalisatie
Schade
en rechtsherstel
De backpay-kwestie in internationaal perspectief
Nieuwe ordes: misdaad en gezag
Strijd om de stad
Dekolonisatie en stedelijke arbeid (in Indonesië)
Straatbeelden (in Indonesië)
Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft in januari 2001 het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie verzocht een uitgebreid onderzoeksprogramma te formuleren naar de verwikkelingen rond de Tweede Wereldoorlog, de onafhankelijkheidsstrijd en de dekolonisatie in Nederlands-Indië/Indonesië. Formeel luidde het verzoek een voorstel te doen voor
'een breed opgezet historisch onderzoek naar in het bijzonder de sociale en economische gevolgen van de Japanse bezetting en de daarop volgende Bersiap- en revolutietijd alsmede het dekolonisatieproces voor de verschillende bevolkingsgroepen in de verschillende regio's in Nederlands-Indië/Indonesië.'
De opdracht komt voort uit de materiële en immateriële doorwerking van het (Indische) oorlogsverleden in Nederland. Deze maatschappelijke achtergrond is de leidraad geweest bij de ontwikkeling van het programma.
Het programma startte op 1 september 2002 en is in 2006 afgerond. Tot 2009 verschijnen in het kader van dit programma in Nederland en Indonesië nog enkele publicaties.
Het onderzoek wil nieuwe inzichten verschaffen in de lotgevallen van de verschillende bevolkingsgroepen in Nederlands-Indië/Indonesië tussen de jaren dertig en zestig van de twintigste eeuw. Een diepgaande analyse van de veranderingsprocessen tijdens deze periode is nodig voor een beter begrip van de gevolgen voor de betrokkenen. Tevens zal het onderzoek een vernieuwende bijdrage leveren aan de geschiedschrijving over Nederlands-Indië/Indonesië. In de derde plaats wil het een antwoord geven op vragen van de Indische gemeenschap, vooral omtrent aspecten van schade, rechtsherstel en de 'backpay'-kwestie, die een direct uitvloeisel zijn van de gebeurtenissen in de archipel tijdens de Tweede Wereldoorlog en de dekolonisatie.
De keuze voor een 'brede' benadering - in tijd, plaats en naar bevolkingsgroep - van het vraagstuk van de dekolonisatie heeft grote voordelen. De gebeurtenissen worden niet in isolement beschreven, maar over een langere termijn onderzocht en in een brede maatschappelijke context geplaatst. Het onderzoeksprogramma legt de nadruk op de gebeurtenissen en ontwikkelingen in de Indonesische archipel. Het richt zich op een aantal maatschappelijke terreinen waarin de afwikkeling van de Nederlandse koloniale heerschappij en de opkomende Indonesische samenleving hun sporen hebben achtergelaten: de economie en het bedrijfsleven, de materiële verliezen als gevolg van de oorlog, de discussies rond achterstallige salarissen (de zogenoemde 'backpay'-kwestie), de balans tussen veiligheid en misdaad, en de stedelijke veranderingen in de Indonesische archipel.
Het programma Van Indië tot Indonesië wil voorzien in een verdieping en verspreiding van de kennis over het dekolonisatieproces in de Indonesische archipel en wil daarmee bijdragen aan een vernieuwing van niet alleen het wetenschappelijke, maar ook het maatschappelijke en politieke inzicht in deze turbulente jaren.
Het onderzoeksprogramma bestaat uit vijf deelonderzoeken: Indonesianisasi en nationalisatie, Schade en rechtsherstel, De backpay-kwestie in internationaal perspectief, Nieuwe ordes: misdaad en gezag en De strijd om de stad. Meer informatie over de afzonderlijke deelonderzoeken verkrijgt u door het onderzoek van uw keuze aan te klikken.
Er is voor gekozen om het onderzoek te spreiden over een klein aantal brede onderzoeksgebieden en af te zien van één enkele monografie die de dekolonisatie en aanverwante problematiek in een alomvattende analyse behandelt. Het voordeel van deze aanpak is een grote productiviteit; bovendien zullen de activiteiten over verschillende verantwoordelijke uitvoerenden en instellingen worden verdeeld; een ander voordeel is dat op deze wijze meerdere, weinig betreden onderzoeksterreinen worden geëxploreerd. Het gevaar van fragmentatie wordt voorkomen door een sterke integratie van de verschillende programmaonderdelen.
Het onderzoeksprogramma concentreert zich op een viertal belangrijke sociale en economische vraagstukken. Het zal resulteren in tenminste vijf monografieën, een onderzoeksrapport en een aantal artikelbundels. Daarnaast voorziet het programma in een reeks van nevenactiviteiten, die ten doel hebben het onderzoek te ondersteunen, de kennis op de onderhavige terreinen te mobiliseren en een groter deel van zowel de academische als niet-academische gemeenschap van geïnteresseerden te informeren en bij de vraagstellingen te betrekken.
De verschillende onderzoeken hebben een sterke onderlinge samenhang: