Van Indië tot Indonesië Slotfestival, 11/01/2007


Vorige pagina

Gedichten Zeffry J. Alkatiri

Geschiedenis op rijm

De dichtbundel ‘Dari Batavia sampai Jakarta, 1619-1999’ van Zeffry J. Alkatiri (1960) was bedoeld als cadeau voor Jakarta, de stad die in 1999 zijn 472e verjaardag vierde. Tijdgebrek en problemen van technische aard verhinderde echter een feestelijke afronding. Een jaar later schudde de auteur het stof van de pagina’s en zond het manuscript naar de organisatoren van de wedstrijd ‘De beste dichtbundel 1998-2000’, en won. Het dichterschap van Zeffry Alkatiri was in een klap gevestigd.

 

'Stadsdichter' van Jakarta

Zeffry is geboren en getogen in Jakarta. Zijn familiegeschiedenis – met Arabische, Pakistaanse en Betawi voorouders - weerspiegelt het cosmopolitische karakter van zijn geboortestad. Hij studeerde Russisch en Amerikaanse studiën in Jakarta en werkt momenteel als docent aan de vakgroep Russisch van de Universitas Indonesia.

 

In ‘Dari Batavia sampai Jakarta’ beschrijft hij de bewogen geschiedenis van de Indonesische hoofdstad. Hiervoor maakt hij ondermeer gebruik van kenmerkende locaties en gebouwen in het stadslandschap; nu eens duiken ze op als metafoor, dan weer als ‘tijdtunnel’, zoals ook de titel van één van zijn gedichten luidt. Zo voert hij bijvoorbeeld de verschillende ruimtes van het stationsgebouw Tanjung Priok op als stille getuigen van het verleden. Het gebouw, ‘de dinosaurus’, dat ooit de bonte stoet treinreizigers herbergde, kijkt nu neer op de lijnen van een volleybalveld. Het gedicht eindigt met een melancholische noot: het station is een ‘reusachtige cocon die zijn eigen geschiedenis verteert’.

Treinstation Tanjung Priok in Jakarta (NIOD)

Postkaart

In het gedicht ‘Postkaart: 5 januari 1943’ fungeert een postkaart als locatie voor het kruispunt van verschillende historische trajecten.  Op de voorkant een afbeelding van de Paradeplaats, hét terrein voor koloniaal machtsvertoon, op de achterkant een postzegel van 10 cent, met het ‘gezicht van het Japanse leger’, gestempeld op 5 januari 1943. Eronder een bericht van een zoon, E. van den Broecke, aan zijn moeder, ‘Gelukkig Nieuwjaar!’.

 

‘Dit is misschien wel het laatste hoofdstuk over Hermes in de Harmonie / Zijn voeten zijn geketend / Zijn ogen gesloten / Zijn vleugels losgeraakt  Daaag!’.

In zijn recente gedichten reist Zeffry buiten de grenzen van zijn geboortestad en –land: naar de Verenigde Staten, het Midden-Oosten, en China. Wereldgeschiedenis, religie en politiek vermengen zich tot verzen met een droefgeestige ondertoon: over de onomkeerbaarheid van de verstreken tijd en gemiste kansen op de kruispunten van de geschiedenis.

 

Optreden op slotfestival

Tijdens het festival las Zeffry Alkatiri in het avondprogramma voor uit de bundel ‘Dari Batavia sampai Jakarta’. De voorgedragen gedichten met vertalingen vindt U hieronder.

 

Foto: Serge Ligtenberg/Winternachten

 

Gedichten

Masuk Kota 1949

 

Seperti dikisahkan oleh seorang saksi mata

 

Sudah kami persiapkan

Sejak kemarin.

Kembang, bendera, dan selendang

Untuk pemuda pejuang

Dari Kerawang dan Tanggerang.

 

Dalam konvoi mungkin masih ada

Jono, Idrus, Suratman, dan Bachtiar.

Saudara, teman, dan tetangga kita

Yang kini menjadi gondrong, dekil,

dan lusuh.

Padahal dahulu mereka necis dan parlente.

Semua sudah tergadai,

saat nica mengetuk pintu.

 

Sudah kami persiapkan

Sejak kemarin.

Nyanyian dan lencana

Yang tak sempat tersematkan

Dan tak sempat didengarkan

Percuma,

Sebab mereka keburu menghilang memburu

Hiburan, perempuan, harta rampasan,

dan perumahan.

Di kawasan Menteng, Matraman,

dan Tanah Abang.

 

Kami hanya bersorak sesaat di Kramat.

Mencari wajah yang tak lagi dapat dikenali.

Seperti gedebong hanyut,

Rombongan terdiam pulang.

Sambil menenteng kembang layu

Untuk dibuang!

Intocht in de stad 1949

 Zoals verteld door een ooggetuige

 

Sinds gisteren

Hebben we klaargelegd

Bloemen, vlaggen, en slendang

Voor de jonge vrijheidsstrijders

Uit Kerawang en Tanggerang.

 

Misschien zitten ze nog in het konvooi

Jono, Idrus, Suratman en Bachtiar.

Onze familieleden, vrienden en buren,

nu met lange haren, smerig

en in vodden gehuld.

Terwijl zij vroeger keurig waren en goed verzorgd.

Alles hebben zij verpand,

toen de NICA op de deur klopte.

 

Sinds gisteren

Hebben we voorbereid

De liedjes en de medailles

Die we niet hadden kunnen opspelden

Die we niet hadden kunnen beluisteren

Tevergeefs,

Want zij verdwenen plots en joegen

Vermaak, vrouwen en geroofde goederen

en huizen na.

In de omgeving van Menteng, Matraman

en Tanah Abang.

 

Een ogenblik slechts juichten wij in Kramat.

Op zoek naar onherkenbaar geworden gezichten.

Als een bananenstam meegevoerd door de stroom,

Keerde de tot zwijgen gebrachte groep huiswaarts.

In de handen de verwelkte bloemen

klaar om weg te gooien!

 

Vertaling Els Bogaerts en Marije Plomp

 

Tuhan Belum Sempat Lagi Datang Ke Sini

 

Tuhan sempat singgah di sini

Selama 10 menit

Dan membisikkan kepada Sukarno

agar secepatnya

Membacakan teks proklamasi

 

Saat ini Merdeka!

Sedangkan hal-hal mengenai

Pemindahan kekuasaan

Akan terus diatur kemudian …

 

Setelah itu, Tuhan tersenyum

Ia lalu bermukim di belahan dunia lain

Dan belum lagi tertarik untuk menjenguk

Ke sini

God heeft nog geen kans gezien opnieuw langs te komen

 

God zag kans hier langs te komen

Gedurende 10 minuten

Om Sukarno in te fluisteren

dat hij zo snel mogelijk

De onafhankelijkheidsverklaring voor moest lezen

 

Nu zijn wij Vrij!

De zaken betreffende

De machtsoverdracht

Zullen later geregeld worden …

 

God glimlachte

Plaatste zijn zetel in een ander deel van de wereld

En heeft vooralsnog geen interesse getoond

Het land

Opnieuw met een bezoek te vereren.

 

Vertaling Marije Plomp

 

 

Lorong Waktu: Setasiun Kereta Api Tanjung Priok

 

Matahari sore lurus menjulurkan lidahnya

Pada lintasan dan memecahkan kaca-kaca.

Gedung Art-Deco setinggi lima puluh kaki.

 

Dua puluh enam tiang baja penyangga

Melengkung setengah lingkaran

Mereka saling berjabatan di titik puncak.

Dan membentuk mulut raksasa

Yang siap menelan setiap manusia

juga kereta.

 

Gedung gemuk beranak dua.

Lengannya mencengkram kuat ke tanah.

Marmer atas – bawah.

Dinding dalam dihias relief kecil

model Itali-Jawa.

Dari luar:

Gedung terlihat sepertu sosok hewan purba.

Dan hanya waktu

yang dapat menjadikannya puing abu.

 

Di dalam ruang tunggu:

Noni-noni bergaya

Bercakap seperti keluarga cecurut

Memperebutkan roti.

 

Para Meneer muda mengenakan jas Gatsby dan topi.

Berkacak pinggang.

Mengunggu gerbong datang.

Sesekali memainkan payung bertongkat panjang.

Mirip tokoh film gagu.

 

Beberapa Opa duduk silang kaki.

Serius membaca koran Java Bode.

Di ruang tunggu VIP beberapa Oma bercengkrama.

Tentang pertunjukan Tonniel Miss Riboet.

Yang posternya masih terpampang di situ.

 

Para Matros muda baru tiba dari Singapura.

Sesekali sirine kapal di dermaga memanggil mereka.

KNIL Ambon baru verlof tugas dari Aceh berdiri sendiri

Sambil melinting tembakau wangi merek:

Van Nelle.

 

Kepala stasiun keluar dari pos jaga sambil mendongak.

Mencocokkan jam rante dan sesaat bercakap dengan petugas

peron.

 

Di seberang rel,

Para kuli berjongkok menunggu perintah.

Suasana tenang

Seperti menunggu kedatangan jenazah

Tiba-tiba,

Semua dikejutkan oleh serombongan

sinyo muda

Dari Zandvoort yang masuk sambil bercanda.

Mengenakan topi pantai dan

celana pendek khaki.

Bau keringat mereka seperti santen basi.

 

Ah…!

Kukira berada di jaman baheula

Ternyata terperosok di stasiun kereta api Tanjung Priok.

Matahari sore bertambah garang.

Matanya melotot menatap mulut raksasa

Yang ingin sekali mengatupkan rahang.

Sebab, rangka baja sudah terlihat bosan

Menyangga beban jaman.

Jabatan tangan mereka pun melepuh

hampir terlepas.

 

Dari luar:

Gedung seperti Dinosaurus tak terurus.

Dan hanya waktu

Yang dapat menjadikannya puing abu.

 

Di dalam ruang tunggu:

Warga muda PJKA latihan volley

Suara mereka bergema – tanda gembira.

Di bekas ruang VIP:

Bapak-bapak main Badminton.

Ruang-ruang disekat seperti sarang rayap

Untuk kantor dan gudang.

Di pelataran:

Orang antah berantah bergelimpangan.

Persis seperti pengungsi jaman perang

 

Di tiap pojok:

Ampas pesing menyebar.

Baunya seperti bekas tempat penjualan hewan kurban.

 

Saat berada di dalam perutnya:

Kita menjadi bertanya,

Masih adakah yang dapat ditelannya lagi?

Stasiun kereta api Tanjung Priok

Adalah kepompong raksasa yang membusuki

Kematiannya sendiri.

Tijdtunnel: Het treinstation van Tanjung Priok

 

De middagzon steekt zijn tong recht uit

En breekt door de ruiten

Van het vijftig voet hoge Art-Deco gebouw.

 

Zesentwintig stalen steunpilaren

Krommen zich tot een halve cirkel

Schudden elkaars handen aan de top

En vormen een reuzenmond

Klaar om elk mens op te slokken

En treinen.

 

Het gebouw heeft twee kinderen.

Zijn armen grijpen krachtig in de aarde.

Marmer boven – onder.

Binnen zijn de muren versierd met kleine reliëfs

in Italiaans-Javaanse stijl.

Van buiten:

Heeft het gebouw de gestalte van een eeuwenoud dier.

Het is slechs de tijd

die het tot stof kan laten vergaan.

 

In de wachtkamer:

Zitten stijlvolle jongedames

Kletsend als een stel spitsmuizen

vechtend om een stukje brood.

 

Meneren in Gatsby jassen en met hoeden.

Met de handen in de zij.

Wachten op de wagon.

Van tijd tot tijd spelend met hun lange paraplu’s.

Een scène uit een stomme film.

 

Enkele Opa’s zitten met de benen over elkaar.

Serieus de Java Bode te lezen.

In de VIP-wachtruimte keuvelen een paar Oma’s.

Over de opvoering van het toneelstuk Miss Riboet

Het affiche hangt er nog aan de muur.

 

Jonge matrozen zijn net aangekomen uit Singapore.

Van tijd tot tijd roept de scheepssirene hen vanaf de kade.

Een Ambonese KNIL-militair uit Aceh, net met verlof, staat alleen

En rolt een sigaret van geurige

Van Nelle tabak.

 

De stationschef spring uit zijn wachthuisje

Zet zijn horloge gelijk en praat een ogenblik

Met de perronwachter.

 

Aan de andere kant van het spoor,

Zitten koelie’s gehurkt te wachten op opdrachten.

De sfeer is verstild

Alsof men wacht op de komst van een stoffelijk overschot.

Opeens

Schrikt iedereen op door een groep

jongeheren

Uit Zandvoort, die al grapjes makend binnenkomen.

Ze dragen strandhoeden en

kaki korte broeken.

Hun zweet ruikt als zure santen.

 

Ah …!

Ik zit in de oude tijd

Ik ben gevallen en terechtgekomen in het station van Tanjung Priok.

De middagzon wordt warmer.

Met grote ogen aanschouwt hij de reuzenmond

Die maar wat graag de kaken opeen zou willen slaan.

Omdat het stalen skelet zichtbaar moe is

Van het dragen van de last van de Tijd.

Hun handgrepen zijn niet zo stevig meer

en raken bijna los.

 

Van buiten:

Is het gebouw als een onverzorgde Dinosaurus.

Het is slechts de tijd

die het tot stof kan laten vergaan.

 

In de wachtruimte:

Trainen jonge PJKA-leden hun volleybalspel.

Hun stemmen galmen – uitingen van plezier

In de voormalige VIP-ruimte:

Spelen mannen badminton.

De ruimtes zijn opgedeeld in kleine hokjes, als een mierennest

Voor kantoren en opslag.

In de centrale hal

Krioelt het van de mensen.

Net vluchtelingen uit de oorlogstijd.

 

In iedere hoek:

Afval en vieze urinelucht

Het stinkt er als op een voormalige marktplaats van slachtvee.

 

Eenmaal in de buik

Doemt de vraagt op

Wat kan het nog meer opslokken?

Het station van Tanjung Priok is  een reuzencocon die zijn eigen dood

Verteert.

Vertaling Marije Plomp


 

Djakarta, Minggu 24 Maret 1945

 

Dari dan untuk: Ibuku

 

08.32.

Kristen hitam bubaran misa

Jalannya merunduk

Tangannya berat mendekap baibel ke dada.

 

08.37.

Tiga orang geisha kuyu

Baru keluar dari markas Heiho.

Menenteng bungkusan hasil barter,

pasti berisi

Beras, ikan asin, dan gula.

 

09.10.

Di Priok

Rombongan pemuda gundul

Berbaris menghadap matahari dan bendera

Asia timur raya

Kakinya nyeker berdebu.
Sayup-sayup kimigayo menuntun mereka

Menuju gerbang neraka.

 

09.50.

Di gudang Jepang

Antrian jatah semakin panjang

Sisa makanan kaleng diperebutkan

Oleh para perempuan rombengan

Anak-anak mereka jalan merangkak

Perutnya buncit berisi angin.

 

Sekitar 10.35 - 12.20.

Di sebuah kampung

Pada pelataran rindang

Para bocah main hompimpah

Mereka bersiteru

dan mengejek anak yang kalah:

 

Nasi uduk ketan urap

Orang buduk ditendang arab

Nasi uduk ketan urap

Omong buduk sering kalap.

 

Hari ini wak haji hanya mengimani tiga orang sebaya

Seperti biasa, ancemon kuah

Tumpah

Di perut.

 

13.17.

Di sebuah pos jaga

Para opsir kegerahan.

Baju dinasnya dibiarkan terbuka.

Sebagian mengipas.

Matanya mengecil dan semakin setipis garis.

 

14.10.

Kata seorang zuster,

Sudah lama rumah sakit kehabisan perban.

Percetakan Kolf tutup

Olimo dan Lindeteves lebih dahulu

Apalagi Pasar Baru.

Hari ini

Ada lagi

Orang mati

Di emperan toko.

Tubuhnya dipenuhi kutu tuma

Entah nanti

Dibuang kemana

Dikubur tanpa tanda.

Sebab mereka adalah

Orang-orang kalah tanpa nama.

 

Sekitar 14.30 - 14.55.

Teng-teng-teng!
Trem line 2 Kota-Menteng

Lewat Deka Park

Angin mengejar di belakang

Dan berloncatan mengisi dua gerbong kosong.

Trem line 4 Kota-Tanah Abang

Lewat Gang Ketapang.

Biasa membawa sekeranjang keharuman pasar.

Di warung kopi

Tukang catut, seperti tawon

Keluar masuk sarang bergantian

Mengabarkan adanya kuncup bunga yang akan mekar.

 

Kurang lebih 15.38.

Sebuah rumah mewah di jalan Kaji.

Tenang ganjil

Penghuninya tidur siang.

Kata orang bekas tempat interniran

Para perempuan indo

Sekarang menjadi tempat piaraan

para komandan.

 

Sekitar 16.35.

Rombongan pengantri pulang

Wajah mereka matang udang

Di kali sudah banyak orang mandi.

Di depan markas Kempetai

Hinomaru lemas terkulai.

Di sebuah tembok

Poster Banzai - Dai Nippon!

Sobek lusuh tinggal separuh.

 

17.10.

Sepintas,

Di meja abu

Rumah nyonya Alan.

Terdapat foto baru

Tiga hari yang lalu

Anak perempuannya yang berkepang

Dinyatakan hilang.

 

17.58 - 18.35.

Sudah tiga tahun ini

Petugas lampu gas menganggur.
Djakarta semakin buram kabur.

Setelah maghrib,

Sebaiknya di dalam rumah.
Sebab banyak setan gentayangan

Ngaji.

Kunang-kunang sambuk kelapa

Menjadi penunjuk jejak malam.

Sebentar lagi ada kusyu-keiho

Siap-siap menggigit karet.

Truk tentara akan lewat.

 

19.20.

Bioskop Al-Hambra, Astoria, dan Thalia

Gelap.

Di beranda hotel des Indes

Lampu 10 watt

Menggelantung sendirian.

Para geisha merah menor kembali

Masuk ke kandang babi.

 

21.25.

Di rumah pak mantri ada rapat pemuda.

Tinta cina mulai habis.

Besok mungkin

Aku tidak dapat lagi menulis.

Jakarta, zondag 24 maart 1945

 

Van en voor: mijn Moeder

 

08.32.

De kerk loopt uit

En zwarte christenen lopen gebogen

Hun handen drukken de bijbel stevig tegen de borst.

 

08.37.

Drie verlepte geisha’s

Verlaten net het hoofdkwartier van de Heiho

Ze dragen een pakje met geruilde waar,

Waar vast

Rijst, zoute vis en suiker in zit.

 

09.10.

In Priok

Staat een groep kaalgeschoren pemuda’s

In de rij voor de zon en de vlag

van Groot-Oost-Azië

Hun blote voeten stoffig.

Zachtjes leidt het kimigayo

Hen naar de hellepoort.

 

09.50.

In een Japanse gudang

Groeit de rij wachtenden voor het rantsoen

De vrouwen in de groep

Vechten om restjes voedsel uit blik

Hun kinderen kruipen op handen en voeten

De opgezette buikjes vol wind.

 

Tussen ongeveer 10.35 en 12.20.

Spelen kinderen

In een kampung

Op een lommerrijk plein

Het hompimpah-spel

Ze bekvechten met elkaar

En drijven de spot met verliezers:

 

Nasi uduk ketan urap

Orang buduk ditendang arab

Nasi uduk ketan urap

Omong buduk sering kalap.

 

Vandaag gaat de haji slechts drie leeftijdgenoten voor in gebed

Zoals gewoonlijk morsen ze

Ancemon-saus

Op hun buik.

 

13.17.

Bij een wachtpost

Staan de officieren verhit

Hun uniformjasjes open.

Sommigen waaieren zich koelte toe.

Hun ogen steeds kleiner, steeds meer als een streep.

 

14.10.

De zuster zegt

Dat het ziekenhuis al lang geen verband meer heeft.

Drukkerij Kolff is gesloten

En eerder nog Olimo en Lindeteves

En vooral ook Pasar Baru.

Vandaag

Ging opnieuw

Iemand dood

In het portiek van een winkel.

Het lijk vol luizen

Waar zal het

Straks worden neergegooid

Anoniem begraven.

Want zij zijn

De naamloze verliezers.

 

Tussen ongeveer 14.30 en 14.55.

Ting ting ting!
Tram 2 van Kota naar Menteng

Passeert het Deka Park

Achternagezeten door de wind

Die wervelend twee lege tramstellen vult.

Tram 4 van Kota naar Tanah Abang

Passeert Gang Ketapang.

Gewoontegetrouw een mand vol marktgeuren meevoerend.

Zwarthandelaars zwermen als bijen

Beurtelings het koffiehuis in en uit

En brengen het nieuws van een bloemknop die op ontluiken staat.

 

Ongeveer om 15.38.

Een luxe huis in Jalan Kaji.

Vreemd stil is het er

De bewoners doen hun middagslaapje.

Men zegt dat het een kamp was

Voor indo-vrouwen

Nu houden de commandanten er

Hun liefjes.

 

Rond 16.35.

Zij die in de rij stonden keren huiswaarts

Hun gezichten als gekookte garnalen

Terwijl in de rivier veel mensen baden

Voor het kwartier van de Kempetai

Hangt de Hinomaru slap.

Op een muur

Een poster met Banzai - Dai Nippon!

De helft weggescheurd en vaal.

 

17.10.

In een oogopslag te zien,

Op de astafel

In het huis van mevrouw Alan.

De nieuwe foto

Drie dagen geleden

Werd haar dochter met de vlechten

Als vermist opgegeven.

 

17.58 - 18.35.

Drie jaar al

Zijn de lantaarnopstekers werkloos.

Is Jakarta in donker duister gehuld.

Na maghrib

Kan je beter thuis blijven.

Want geesten dwalen rond

En prevelen koranverzen.

Gloeiende vuren van kokos

Wijzen de weg op het nachtelijke pad.

Nog even en het kusyu-keiho huilt

Klaar om in rubber te bijten.

Legervrachtwagens zullen voorbijrijden.

 

19.20.

Donker

Zijn de bioscopen Al-Hambra, Astoria en Thalia

Op de voorgalerij van Hotel des Indes

Brandt een lampje van 10 watt

Eenzaam bungelend.

Opzichtig rood geverfde geisha’s gaan opnieuw

De zwijnenstal in.

 

21.25.

In het huis van pak mantri vergaderen de pemuda’s.

De Chinese inkt raakt op.

Misschien kan ik morgen

Niet meer schrijven.

 

Vertaling Els Bogaerts

 

 

Vorige pagina